U bevindt zich hier: Hondenziektes Hondenziektes Gedrag Verlatingsangst

Verlatingsangst

Verlatingsangst is een typische "beschavingsziekte" bij honden. Vroeger hadden honden er geen enkel probleem mee om alleen gelaten te worden en om heel de dag buiten in een kooi te zitten. Hun taak was immers te waken.

Tegenwoordig nemen echter meer en meer mensen een hond als gezelschapsdier. Het kan problemen opleveren als de hond de aanwezigheid van de baas als vanzelfsprekend beschouwd. Deze honden hebben nooit geleerd om alleen thuis te zijn: er was immers altijd iemand in huis.

Anderzijds kan het ook gebeuren dat sommige honden verlatingsangst krijgen omdat ze iets traumatisch hebben meegemaakt. Erg afhankelijke honden die al verschillende eigenaars hebben gehad kunnen hier bijvoorbeeld al eens last van hebben.

Symptomen

Verlatingsangst is een gedragsstoornis. Het kan zich op verschillende manieren uiten, maar meestal zullen de honden die er last van hebben erg beginnen blaffen of huilen. Dit kan aanhouden tot de baas terug thuis komt en kan zeer grote problemen veroorzaken met de buren! De baas is zich oorspronkelijk van geen kwaad bewust: de hond doet het immers alleen als hij er niet is.

Vaak gaat verlatingsangst gepaard met vernielzucht of met onzindelijkheid.

Diagnose

De diagnose van verlatingsangst is niet moeilijk te stellen. De beschreven gedragingen zijn meestal duidelijk

Behandeling

Het kan een moeilijke opgave zijn om een hond van zijn verlatingsangst af te helpen. Men moet de hond trachten aan te leren dat hij alleen thuis kan blijven.
De beste manier om dit te verwezenlijken is vaak en gedurende korte tijd het huis uit te gaan en terug binnen te komen. Het is best te beginnen met erg korte periodes van afwezigheid en deze geleidelijk op te drijven. De meeste honden met verlatingsangst zullen erg enthousiast zijn als de baas terug binnen komt, maar het is best om hier koel op te reageren en dit gedrag niet aan te moedigen.

Neem de hond niet telkens mee naar boven of in de tuin als u daar naar toe gaat. Negeer het als de hond op zulke momenten aandacht wil trekken.

Wat ook kan helpen is om de hond aan te leren dat het aandoen van de jas niet automatisch betekent dat hij alleen zal zitten. Vaak hebben honden met verlatingsangst geleerd dat het aandoen van de jas of het aanstalten maken om naar buiten te gaan een onaangenaam gevolg voor hen heeft: alleen zijn. Doe regelmatig een jas aan en ga dan niét naar buiten, maar blijf gewoon verder doen waar u mee bezig was.

Een veelgebruikt hulpmiddel is een bench. De hond moet leren dat hij veilig is in de bench: geef hem er zijn eten en laat hem er in slapen. Als de eigenaar weg is heeft de hond een veilige plaats in de bench. Een tweede voordeel is dat er in de bench niets kan vernield worden en de hond zal niet gemakkelijk zijn gevoeg doen in zijn slaapplaats.

Honden die erg onzeker en aanhankelijk zijn kunnen de eigenaar de hele dag achtervolgen en willen constant zo dicht mogelijk bij het baasje zijn. Probeer dit gedrag af te leren.

Word niet boos als het mis gaat! Als de hond bij thuiskomst bestraft wordt omdat er iets kapot is of er een hoopje ligt zal hij de link niet kunnen leggen tussen de straf en het ongewenste gedrag. Honden bestraffen heeft enkel zin als het binnen de eerste 5 seconden na het ongewenste gedrag gebeurt. Als de hond telkens bestraft wordt als de baas thuiskomt zal hij met nog meer stress zitten en kan de verlatingsangst juist nog erger worden.

Soms kan medicatie helpen.

Prognose

Mits een goede en consequente aanpak kan men de meeste honden aanleren om alleen te zijn.

Preventie

Zoals steeds geldt ook nu weer: voorkomen is beter dan genezen! Leer de pup al op jonge leeftijd aan om alleen te zijn. Een bench is een uitstekend hulpmiddel hiervoor!