U bevindt zich hier: HondenziektesHondenziektesSpijsvertering ╗ Parvo

Parvovirus

Het parvovirus een een zeer besmettelijke aandoening bij honden. Men spreekt ook van "katteziekte" omdat een er gelijkaardige parvovirus infectie bij de huiskat ook frequent voorkomt. Het parvovirus van de kat is echter niet besmettelijk voor honden.

Parvovirose komt ondanks vaccinatie nog steeds vrij veel voor, voornamelijk bij pups. Vaak breekt de ziekte pas enkele dagen tot weken na de infectie uit, zodat in sommige gevallen de eigenaar een 'gezonde' pup kocht die plots erg ziek wordt. Het is bijna onmogelijk om dan te bewijzen dat de infectie gebeurde bij de verkoper.
Vaak gaat het om pups die gekocht werden bij malafide fokkers of in zogenaamde 'puppiefabrieken'. Dit zijn grote handelszaken die pups van allerlei rassen opkopen en dan weer verder verkopen. Het is daarom steeds aan te raden uw pup te kopen bij een erkend kweker.

Het grote gevaar van parvovirus is het feit dat het zeer lang (tot een jaar) in de omgeving kan overleven en weerstaat aan veel ontsmettingsmiddelen. Besmette dieren scheiden massale hoeveelheden virus uit. Het is dus mogelijk dat een hond de ziekte krijgt omdat er een jaar eerder een besmet dier op dezelfde plaats was!

Symptomen

De eerste symptomen van parvo zijn lusteloosheid, niet willen eten en veel slapen.
De typische symptomen van parvovirose breken na enkele uren tot dagen uit: hoge koorts, braken en diarree. De diarree is erg waterig en meestal bloederig en erg stinkend (typische 'parvo-geur'). De symptomen zijn zeer hevig en ontstaan op zeer korte tijd. Gezien het braken en de massale diarree zullen de dieren snel uitdrogingsverschijnselen vertonen.
Het virus kan ook de hartcellen aantasten, met dodelijke gevolgen.

Diagnose

De symptomen en de typische geur van de diarree zullen in veel gevallen reeds een sterk vermoeden van parvo geven.
Bij twijfel kan men gespecialiseerd onderzoek laten uitvoeren op een meststaal.

Behandeling

De behandeling dient snel ingesteld te worden. Bij vermoeden van parvo zal de dierenarts de hond hospitaliseren en intraveneus (in de ader) vocht toedienen. Omdat het om een zeer besmettelijke ziekte gaat zal de hond afgezonderd worden van andere (gehospitaliseerde) dieren.
Hoewel het om een virus gaat zal men vaak antibiotica toevoegen om de darmbacteriŰn geen kans te geven de kapotte darmslijmvliezen te besmetten.

Indien het dier herstelt en stopt met braken zal men de vochttherapie voortzetten met speciale formules die de hond kan opdrinken.

Prognose

Parvovirose is een zeer ernstige aandoening die fataal kan aflopen, zeker bij jonge dieren.
Indien het dier tijdig en goed behandeld wordt bestaat een goede kans dat het dier zal overleven.

Preventie

Vaccinatie!
Een gevaccineerd dier zal uiterst zelden ziek worden indien het in contact komt met parvovirus. Tegenwoordig vaccineert men alle honden tegen deze ziekte.
Pups die veel risico lopen om ge´nfecteerd te raken zullen een eerste maal gevaccineerd worden op de leeftijd van 6 weken.
Alle honden krijgen een vaccinatie op 9 en op 12 weken. Daarna volstaat een jaarlijkse hervaccinatie.
Indien de hond gedurende meerdere jaren geen booster vaccinatie meer heeft gekregen, zal men opnieuw 2 maal vaccineren met 2 weken tussentijd.

In ieder geval is het ten zeerste aan te raden het dier niet in contact te laten komen met een besmet dier of een besmette omgeving!