U bevindt zich hier: Hondenziektes Ľ Hondenrassen Ľ Deense dog

Deense dog

deense dog

De Deense dog (soms ook juister Duitse dog genoemd, het ras vindt zijn oorsprong bij onze Oosterburen) is met zijn gemiddelde schofthoogte tussen 70 en 85cm het grootste hondenras. Deense doggen zijn meestal lieve, rustige en gemakkelijke loebassen die zeer trouw aan hun baas zijn. Ze kunnen het vaak goed vinden met andere huisdieren en mensen als ze goed gesocialiseerd worden. Sommige exemplaren kunnen echter dominant uit de hoek komen.

Als ze jong zijn - wat bij dit ras meer dan 2 jaar duurt - kunnen ze erg speels zijn en in hun wildheid al eens een lamp doen sneuvelen.

Ze mogen tijdens het opgroeien niet te veel beweging krijgen omwille van mogelijke gewrichtsproblemen, maar omwille van hun grootte hebben deze honden voldoende plaats nodig.

De Deense dog is een uitstekende verdedigingshond. Men zegt wel eens dat een indringer wel in het huis van een Deense dog kan komen, maar er niet meer uitkomt. Deze stille reus blokkeert namelijk gewoon de weg naar buiten: weinigen zullen proberen voorbij de imposante verschijning van een volwassen Deense dog te komen.

Het hoeft geen betoog dat dit ras een correcte baas die hem in de hand kan houden nodig heeft. Een slecht opgevoede Deense dog kan de gezondheid ernstig schaden!

Een ongemak van dit hondenras is het constant kwijlen.

De Deense dog heeft een kortharige vacht en komt voor in verschillende kleuren.

Gezondheidsproblemen

De enorme afmetingen van deze honden - er is een exemplaar gekend met een schofthoogte van 1m12 en een lengte van 2m20! - maken ze helaas erg gevoelig voor enkele ernstige gezondheidsproblemen. De gemiddelde leeftijd waarop een Deense dog sterft is slechts 6 tot 8 jaar.

Deense doggen staan bovenaan de lijst van rassen waarbij sommige ernstige ziektes voorkomen: